De Pantanal

De Pantanal, vroeger bekend als de Laguna de Jarayes, is het grootste draslandgebied ter wereld. De regio, waarvan de naam is afgeleid van het Portugese woord “pântano” (wat “moeras” betekent), bevindt zich in Zuid-Amerika, voor het overgrote deel in Brazilië maar de Pantanal bestrijkt ook delen van Bolivia en Paraguay. In totaal bedraagt het gebied 150.000 km².[1]

De Pantanal stroomt over in het regenseizoen, waardoor 80% van het gebied onder water komt te staan. Daardoor bevat de Pantanal ’s werelds rijkste collectie aan waterplanten. Er wordt vermoed dat de Pantanal het dichtste flora- en fauna-ecosysteem ter wereld heeft. Het gebied wordt echter vaak overschaduwd door het Amazoneregenwoud.

De Harpij Arend

De harpij, vernoemd naar de gevaarlijke wezens uit de Griekse mythologie, is een van de grootste arenden ter wereld. Het verenkleed van de harpij is donkergrijs, met uitzondering van de asgrijze kop en de witte buik. Over de borst loopt een zwarte band. Beide geslachten hebben een kuif van lange veren op de bovenkant van de kop, die opgezet kan worden. De harpij heeft korte, maar zeer sterke poten met lange, sterk gekromde nagels. De brede vleugels zijn voor een vogel van deze omvang kort en stellen de harpij, samen met de beweeglijke staart, in staat in de dichte bossen te jagen. Vrouwelijke harpijen zijn gemiddeld een derde groter dan de mannelijke exemplaren. De lichaamslengte bedraagt 89 tot 102 cm, de spanwijdte 175 tot 220 cm en het gewicht 4 tot 9 kg.

De Jacuar

De jaguar (Panthera onca) is een roofdier uit de familie van de katachtigen. De wetenschappelijke naam van de soort werd in 1758 als Felis onca gepubliceerd door Carl Linnaeus.De jaguar komt voor in Midden-Amerika en een groot deel van Zuid-Amerika. Hij lijkt oppervlakkig sterk op de luipaard, maar is zwaarder gebouwd en heeft een forsere rozettentekening.
De jaguar is de grootste en sterkste kat van Amerika. Het is een stevig gebouwd en krachtig dier met een brede kop en sterke kaken. De poten zijn relatief kort, maar erg sterk. De staart zorgt voor evenwicht bij het springen. De vacht is lichtgeel tot roodbruin met zwarte rozetten, ronde of ovale vlekken met daarin één of twee donkere stippen. Midden op de rug verandert de rij zwarte vlekken soms in een doorlopende lijn. Daarnaast bestaat er ook een melanistische (zwarte) variant, waarbij de vlekken wel te zien zijn in de zon. Door de ronde pupillen kan de jaguar prima zien tijdens de schemering. De zachte voetkussentjes zorgen ervoor dat de jaguar goed kan sluipen, en daarnaast heeft de jaguar intrekbare klauwen en lange en stevige hoektanden.

Ocelot


De ocelot of pardelkat (Leopardus pardalis) is een kleine katachtige die samen met de margay, de tijgerkat, de Geoffroykat en de nachtkat tot de groep van de pardelkatten behoort. De ocelot leeft van Midden-Amerika tot in Zuid-Amerika. De wetenschappelijke naam van de soort werd als Felis pardalis in 1758 gepubliceerd door Carl Linnaeus.

Ocelotten zijn goede klimmers en brengen veel tijd door in de bomen. De ocelot jaagt voornamelijk 's nachts en vooral op de grond. Zodra hij een prooidier heeft ontdekt, drukt hij zich tegen de bodem en wacht een moment af om toe te slaan. De goed ontwikkelde ogen en oren komen uitstekend van pas bij het nachtelijk opsporen van prooidieren. Met een beet in de nek wordt het slachtoffer snel gedood.

De ocelot leeft solitair of soms in paartjes. Ocelotten zijn territoriaal en het territorium van een mannelijk dier overlapt vaak met dat van meerdere wijfjes. Midden op de dag rust de ocelot meestal in een holle boom of op een boomtak. Door middel van urine markeert de ocelot bomen en struiken langs de grens van het territorium.